Een kijkje in de keuken van de ‘Breskense boot’
THEMAKRANT VAKANTIEBAANTJE (editie 29, zomer 2026)
Verdwenen vakantiebaantje
door Wim van Gorsel
Van sommige vakantiebaantjes weet je dat ze nooit meer terug komen. Dat is het geval met het baantje van Philippe van Steenhove (1960), die in 1978 vakantiewerk deed op de veerboot tussen Vlissingen en Breskens. Die werd op Walcheren de ‘Breskense boot’ genoemd en in Zeeuws-Vlaanderen gewoon ‘de bôôt’.
Na de voltooiing van de Westerscheldetunnel bleef de veerverbinding als fiets-voetveer weliswaar in stand, maar op de inmiddels door de BBA geëxploiteerde dienst was geen plaats voor een buffet waar de klanten een consumptie konden kopen. Menig Zeeuw verlangt nog steeds terug naar dit ritueel.
De West-Vlaming Van Steenhove kwam via-via aan een tijdelijk baantje als verkoper op de boot. Naast koffie en thee verkocht hij ook limonade, kroketten, frikandellen, erwtensoep (met of zonder worst), snoepgoed, sigaretten en (in de zomer) broodjes haring.
Restjes limonade
Philippe: ,,Het probleem was dat degene die het buffet uitbaatte de vaste medewerkers een heel laag basissalaris betaalde. Daarvan werden de klanten een beetje de dupe. Om zo veel mogelijk winst te maken op de inkoop — en op die manier hun karige salaris wat aan te vullen — werden de bootbezoekers regelmatig op allerlei manieren afgezet. Zo werd de koffie bijvoorbeeld via een bepaalde techniek aangelengd met water, werd de worst in de soep soms gehalveerd en werden de restjes limonade die kinderen in blikjes hadden laten staan weer opnieuw verkocht.”
Ook met de prijzen van de consumpties werd soms gesjoemeld. Philippe: ,,Als er een bus Belgen aankwam werd de prijs van een kop erwtensoep bijvoorbeeld ineens verhoogd van fl. 2,50 naar fl. 3,50. Dat gebeurde trouwens ook met broodjes haring. De Belgen kochten die toch wel, want zij zijn dol op vis. Op een gegeven moment leerde je ook je vaste klantjes kennen. Zo hadden we na 17.00 uur altijd de ‘Scheldereisjes’. Dat waren Schelde-werknemers uit Zeeuws-Vlaanderen die dan weer naar huis gingen. Die moesten altijd een pilsje en een frikandel hebben. Vaste prik.”
Hoewel Philippe van Steenhove eigenlijk zes weken zou blijven kwam er na vier weken al een eind aan zijn vakantiebaantje. ,,Op een gegeven moment moest er na een technisch mankement een boot uit de vaart worden genomen en kwamen de vaste mensen daarvan naar onze boot. Daardoor hadden we daarna eigenlijk te veel personeel aan boord.”
Banden lek
Van Steenhove werd als vakantiekracht daarom overbodig en zijn baas zocht een reden om van hem af te komen. ,,Op een gegeven moment vroeg hij me of ik niet eens naar de kapper wilde gaan om mijn haren te korten. Ook zou ik voortaan een nettere broek en blouse moeten aantrekken. Ik antwoordde hem dat ik me dat van dat karige salaris niet kon veroorloven. ‘Dan ga je maar van de boot af’, riep hij me daarna toe. Een collega die de scene had opgevangen fluisterde me vervolgens toe dat hij het adres van de baas wist. ,,Steek je gewoon zijn banden lek, joh.”
foto: Vlissingen-Breskens, buffet op veerboot prinses Irene, ca. 1970. Bron: ZB, Beeldbank Zeeland, nr. 44308



Geen reacties