De hel van Delta Marina en de hemelse PTT

THEMAKRANT VAKANTIEBAANTJE (editie 29, zomer 2026)

 

door Albert Kort

Veel spullen die ik als kind graag wilde hebben, kreeg ik van mijn ouders. Ik had geen reden tot klagen, integendeel zelfs. Toen ik mijn eindexamen had gehaald, kreeg ik zelfs een gloednieuwe brommer cadeau. Een mooie Yamaha, compleet met knipperlichten. Veel vrienden waren jaloers, uitgezonderd degenen die in het bezit waren van een Kreidler en die met enige minachting neerkeken op zo’n ‘ding uit Azië’.

Maar ik kreeg uiteraard niet altijd mijn zin. Terwijl mijn vader hooguit twee weken vakantie had, kon ik genieten van maar liefst zes weken schoolverlof. En die tijd mocht niet in ledigheid worden doorgebracht. ,,Een beetje werken kan geen kwaad’’, zei mijn moeder, en zij was dan ook degene die naarstig op zoek ging naar een voor mij geschikt baantje.

Delta Marina

Ze kwam met restaurant Delta Marina in Kortgene op de proppen waar ze om een afwashulp verlegen zaten. Ik er met de brommer naartoe en warempel, ik werd aangenomen en kon er gelijk aan de slag. Leuk was het werk niet: iedere week zes dagen tot laat in de avond werken om aan het einde van de week het zuurverdiende geld in ontvangst te nemen. Zwart natuurlijk, en veel was het niet, ik geloof zo’n vijftig gulden.

En dan te bedenken dat het verschrikkelijk eentonig, zwaar en vies werk was. Potten, pannen, ketels, borden, bestek: vrijwel alles moest met de hand worden afgewassen en dat in een oververhitte keuken, waar de kok schreeuwend en tierend rondliep, en ik er soms flink van langs kreeg als hij moest wachten op een pan die nog niet was afgeschuurd.

Op je gemakje

Nee, voor mij was het werk in Delta Marina een regelrechte hel. En zeker als ik het vergelijk met het baantje van postbode, dat ik een jaar later via een kennis in de schoot kreeg geworpen. Eenvoudig werk — sorteren en bezorgen van brieven — en ook nog eens in Goes, de stad waar ik woonde. Hard werken was het niet. Omdat het in de vakantieperiode niet druk was, kon je op je gemakje je ronde doen. Ook het vroege opstaan – in de regel om vijf uur ’s ochtends – was in het zomerseizoen geen bezwaar.

Belangrijk was dat je er veel geld mee kon verdienen: meer dan duizend gulden in de maand. Voor mij als zestienjarige een kolossaal bedrag waarmee ik mijn vakantie naar Italië in dat jaar kon betalen. Ik was trots en voelde me de koning te rijk!

foto: In de jaren zestig van de vorige eeuw werkte Frans Janssens (rechts) met zijn zoons Piet (links) en Leo bij de PTT in Goes als postbesteller. Albert Kort zorgde ervoor dat de poststukken in de juiste vakken en tassen terechtkwamen. | Foto privécollectie Elly Ravenzwaay

Geen reacties

Geef een reactie