De slagerij van mijn opa

De redactie ontving van Corrie Kok Kauffmann uit Veenendaal het verhaal, dat haar moeder haar vertelde over de slagerij van haar opa in Sint Maartensdijk.

door Corrie Kok-Kauffmann

Mijn grootouders van moeders kant waren Pieter Valentijn van Splunter (1893-1949) en Cornelia Janneke Dieleman (1892 -1974).

De slagerij op de Markt in Sint Maartensdijk met ervoor de knecht Leen van Splunter (neef van de eigenaar)

Opa was slager en had zijn winkel met woonhuis en slachthuis op de Markt in Sint Maartensdijk vanaf ongeveer 1919. Hij kocht altijd zelf de beesten bij de boeren op en ze werden ’s maandagsmorgens vroeg geslacht. Daar was heel veel werk mee gemoeid. Oma, de knecht, de meid en later de dochters hielpen allemaal mee. Het water moest gekookt worden in grote ketels op een kolenkachel. De koe en het varken werden in diverse soorten vlees verdeeld. Van wat overbleef werd gehakt en worst (ook de zog. Zeeuwse worst en worst in de darm) gemaakt.

Biefstuk

Na het slachten kwam de keurmeester om het vlees te keuren. Er werd dan ook een stempel op het vlees gezet. Bijna alles werd verkocht, zoals ook zwezerik, de hersenen en de niertjes. De biefstuk bleef vaak over. Dat was immers het duurste vlees, en dat in een tijd dat lang niet iedereen een redelijk inkomen had. Het vlees werd bewaard in een frigidaire, een soort koelkast. Op maandag werden grote staven ijs gebracht vanuit de ijsfabriek in Bergen op Zoom, wat de nodige koeling gaf.

Als dan op zondag nog biefstuk over was, werd die door oma gebakken en bij de avondmaaltijd met brood en heerlijke jus gegeten. Mijn moeder heeft toen ze getrouwd was deze gewoonte nog jaren volgehouden, dat kan ik me als kind nog heel goed herinneren.

Wat vleeswaren betreft was de keus niet groot: rookvlees, ham en boterhamworst.

Etalage

De feestelijke etalage ter gelegenheid van het huwelijk van prinses Juliana met prins Bernhard in januari 1937

Toen prinses Juliana en prins Bernhard trouwden zorgde de etaleur (dhr. Ph. H. van Westen, leraar slagersvakonderwijs te Rotterdam) voor een prachtig versierde etalage met de beeltenis van de prins en prinses in vet (ik vermoed reuzel).

Sluitingstijd

Op zaterdag (voor de oorlog) was de winkel tot 10 uur ’s avonds open. Daarna moest er nog heel wat schoongemaakt worden. Wat waren ze blij dat de winkeltijdensluitingswet aangaf dat de winkel om 6 uur gesloten moest worden.

Opa overleed in 1949 op 55-jarige leeftijd, toen was ik ruim 3 maanden, te jong om hem zelf te herinneren. Oma heeft nog enkele jaren met behulp van een knecht de winkel voortgezet.

Foto boven: Op deze foto staat het gezin van opa met knecht en meid voor de ingang van de slagerij. Op de etalageruit staat vermeld: VLEESCHHOUWERIJ-SPEKSLAGERIJ. Er was ook al telefoon aanwezig. Boven de deur staat: V. van Splunter. Opa heette Pieter Valentijn, maar werd Valentijn genoemd.
Opa staat op de foto rechts, naast hem staat zijn vrouw, mijn oma, naar wie ik ben vernoemd. De man met het strikje en colbert achteraan is dhr. Ph. H. van Westen, de etaleur.
De man met de witte muts is de knecht, die de hele week in dienst was, dhr. Leen van Splunter, neef van opa.
De oudste dochter, mijn moeder, is Betsie van Splunter (1920), zij staat tweede van links met de handen in haar schortzakken.
De drie kinderen vooraan zijn van rechts naar links: Saar(1926), Chris(1929) en Jo (1931) van Splunter (kinderen van opa en oma).
Achter Chris staat de meid: Rachel Poot en helemaal links haar dochtertje Geertje Poot.

Zo ging de knecht in de polder het vlees wegbrengen.

3 reacties
  • Gert van der Haar
    Geplaatst op 17:28h, 30 januari Beantwoorden

    Dag Corrie,

    Zoekend op internet naar Smerdiekse namen kom ik jouw verhaal tegen. Wat ontzettend leuk! Ik kan me nog goed herinneren dat ik geregeld aanbelde, want ik was bevriend met je jongere broertje Piet (Pieter Valentijn). Geweldig, alsof de tijd heeft stilgestaan.

    Gert

  • Elizabeth Bronkhorst-van Poortvliet
    Geplaatst op 11:48h, 26 september Beantwoorden

    Wat een leuk verhaal en inderdaad ook herkenbaar. Mijn oma (Jo) heeft inderdaad weleens verteld dat ze vlees weg moest brengen en buiten moest blijven wachten. Ik denk wachten totdat ze een pot of pan terug kreeg? In die tijd waren er nog geen wegwerptasjes… onze jongste zoon is vernoemd naar haar vader. Tot de laatste keer dat ik haar zag zei ze altijd: Valentijn dat is een bekende naam!

  • Valentine Geluk
    Geplaatst op 21:45h, 25 september Beantwoorden

    Leuk herkenbaar verhaal Corrie! Mijn mama (Saar vd foto) vertelde er veel over, ze moest ook op de fiets het vlees weg brengen

Geef een reactie