Zwirtjes

door Allie Barth

Ik heb het als klein kind nog meegemaakt. Op de slachtwei werd in mijn dorp eind jaren veertig van de vorige eeuw, in de maand november de huisslacht nog bedreven. Bijna iedereen had toen nog een varken, dat voor de eigen vleesvoorziening werd gebruikt.

Als het gedode dier onder een hoop stro gebrand werd, dan had je kans op een zwirtje, een lekkernij voor de jeugd.  Een reep huid met wat spek er onder. Zeker wanneer de slachter al enkele borrels naar binnen had gegoten, lukte het wel om dat zwirtje te bemachtigen. Want jenever hoorde er ook bij. Na elke slacht ging de jeneverfles open.  Overal vond dat gebeuren plaats.

Ook in ’s-Gravenpolder aan de rand van de Zak van Zuid-Beveland kende men dat gebruik.  De jaren twintig van de vorige eeuw waren in dat dorp echte “roaring twenties.” Op politiek en godsdienstig gebied was er van alles aan de hand, net als in de sfeer van het lager onderwijs. De bekende Poldermans was hoofd van de openbare lagere school en stond bekend als schrijver van jeugdboeken.

In die jaren kwam het ook tot de stichting van een christelijke lagere school. Het hoofd daarvan was meester Slotboom. Het was een bont gezelschap in zijn klas. Van kinderen van arbeiders tot kinderen uit de bovenste laag van de plaatselijke samenleving en allemaal moesten ze op de maandagmorgen het in de week daarvoor geleerde psalmvers opzeggen.

Een van de jongens, die na afloop van zijn schoolperiode ongetwijfeld verder moest gaan als koeienwachtertje, was erg druk. ADHD zouden we vandaag de dag zeggen. Om het minste en geringste kreeg hij straf, van strafregels schrijven tot in de hoek staan, tot jolijt van zijn klasgenootjes, want dat gebeurde nog al eens.  Maar eenmaal nam hij wraak, in de tijd van de varkensslacht. Hij kreeg een aantal zwirtjes, waarmee hij op een goede morgen de school inkwam. Meester, zo sprak hij bijna vroom,  van vader moet ik u deze zwirtjes geven. Hij reikte een papieren zak met de stukjes varken over. Jongen, dank je vader wel, antwoordde de meester en nam het zakje dankbaar aan.

De volgende dag kwam het jochie weer naar de meester toe en sprak: meester, vader laat vragen of u de zwirtjes lekker vond. Meester antwoordde: zeg maar tegen je vader dat ze heerlijk waren, goed van zoute. Grinnikend liep de jongeman weg, wat de meester enigszins verwonderde, maar die vroeg niet verder. De waarheid was, dat het jongmens, de zwirtjes even in de pispot gedoopt had. Die pot stond altijd in de bedstee op het bestieboord boven het bed van zijn ouders.

Maar ach, het eindigde toch weer met straf. Dat was zijn eigen schuld. Via zijn klasgenootjes, die hij opgetogen van zijn overwinning vertelde, kwam de geschiedenis toch bij meester Slotboom terecht, die hem ‘voorbeeldig tuchtigde’ en de vader van de jongen deed er nog een schepje bovenop.

Foto boven: De Schoolstraat met de school in ’s Gravenpolder begin vorige eeuw.

Beluister het gesprek dat Remco van Schellen van Omroep Zeeland met Allie Barth had in ‘Zeeland wordt wakker’:

2 reacties
  • krijn Oele
    Geplaatst op 14:26h, 05 maart Beantwoorden

    Bij ons in koudekerke ook door slager Koets uit Biggekerke mooi een dag vrij van school

  • Jan Roose
    Geplaatst op 13:55h, 29 januari Beantwoorden

    Ik kan me dit nog herinneren als de dag van gisteren, het werd bij ons op De Val bij Zaamslag precies zo gedaan en wij hadden thuis toen ook een varken wat ieder najaar geslacht werd. Ik was ook altijd zot op die zwertjes zo noemden wij die. Fantastisch verhaal weer.

Geef een reactie